HYPOTHEEKINFO
OFFERTE
HUIS & FISCUS
BEREKEN
OVER ONS
Jurisprudentie
Jur. 1
Jur. 2
Jur. 3
Jur. 4
Jur. 5
Jur. 6
Jur. 7
Jur. 8


Toegedeelde woning gemeenschappelijk eigendom: geen overdrachtsbelasting


Terug naar jurisprudentie-overzicht

Het juridische eigendom is bepalend voor de vraag of bij overdracht van een woning aan een ex-echtgenoot bij boedelscheiding overdrachtsbelasting verschuldigd is. Feitelijke omstandigheden doen daar niets aan af.

Dit bleek uit een arrest van de Hoge Raad, die daarmee de uitspraak van het Hof bevestigde. De zaak betrof een man en een vrouw die buiten gemeenschap van goederen getrouwd waren. In 1988 kocht de vrouw de woning, waardoor zij alleen de juridische eigendom verkreeg. In 1996 ging het echtpaar uit elkaar. Vervolgens droeg de vrouw in 1997 de woning over aan haar ex-echtgenoot. Over de koopsom van f 560.000 betaalde hij 6% overdrachtsbelasting. Daartegen tekende hij later bezwaar aan en beriep zich op de samenwonersvrijstelling.

Heffing van overdrachtsbelasting blijft achterwege als een ex-echtgenoot de woning verkrijgt vanwege de boedelverdeling bij echtscheiding. Deze tegemoetkoming geldt voor gehuwden die hun huwelijksgemeenschap, waaronder de echtelijke woning, verdelen.
Voor samenwoners geldt ook een dergelijke tegemoetkoming: de samenwonersvrijstelling. Er moet sprake zijn van verkrijging wegens verdeling van een gemeenschap tussen samenwoners. Ook moet de woning door beiden gezamenlijk zijn verkregen (een eigenaar die zijn helft overdraagt aan een andere partij valt daar niet onder). Bovendien moeten beide samenwoners ieder afzonderlijk gerechtigd zijn tot minimaal 40% en maximaal 60% van de woning.

De man vond dat er sprake was van rechtsongelijkheid. Hij stelde, dat hij en zijn ex-vrouw geleefd hadden alsof de woning gemeenschappelijk eigendom was. Ook betaalde hij bij de aankoop de overdrachtsbelasting voor zijn vrouw. Op basis van de huwelijkse voorwaarden moest hij alle woonlasten betalen zonder verrekening met zijn vrouw. Voor de aflossing en rente op de hypotheek was hij hoofdelijk aansprakelijk. De premie voor de levensverzekering, de onderhoudskosten en de overige lasten kwamen ook voor zijn rekening.

Het Hof besliste dat dit niet terzake deed. Omdat de echtgenoten hun huwelijksgoederen niet hadden gewijzigd in een gemeenschap van goederen, was het huis juridisch eigendom van de vrouw. Ook het feit dat het huis gekocht was tijdens het huwelijk, was niet van invloed. De Hoge Raad bevestigde de beslissing van het Hof.

Het vastleggen van juridische eigendomsverhoudingen is dus van essentieel belang met het oog op de vrijstelling voor de ove1rdrachtsbelasting.

Bron: Hoge Raad, 23 november 2001, nr. 36.348.

Terug naar jurisprudentie-overzicht


Doe de Hypotheektest
Poll
Bent u bereid op latere leeftijd uw huis op te eten?
h? wat?, huis opeten? Dat smaakt toch niet.
Nooit over nagedacht
Nee, (als ik overlijd mogen erfgenamen mijn huis erven
JA, (lees meer over de Pensioen Optimaal Hypotheek)